Ambulante Woonbegeleiding Utrecht (onderdeel van Centrum Vaartserijn) biedt ondersteuning aan mensen die zelfstandig wonen of willen gaan wonen en daarbij hulp nodig hebben.
Deze voorziening is bedoeld voor alle cliënten uit de maatschappelijke opvang in Utrecht en omgeving. Samen met de cliënt stelt een vaste begeleider van AWBU een persoonlijk begeleidingsplan op. Het doel daarbij is het ontwikkelen van woonvaardigheden die de cliënt in staat stellen volledig zelfstandig te functioneren.
Er zijn enkele voorwaarden verbonden aan de ambulante woonbegeleiding zoals de beschikking over zelfstandige woonruimte of het hebben van een urgentieverklaring voor zelfstandige woonruimte.
De AWBU bestaat werkt in vier subteams. Twee van deze teams werken volgens de werkwijze zoals hierboven beschreven en zijn gesplitst op locatie.
De overige twee teams zijn Preventie en Intensief.
Ambulante Woonbegeleiding Preventie
De cliënt
De cliënten van de afdeling Preventie kampen met zodanig ernstige huurschulden dat huisuitzetting en dakloosheid dreigt. De cliënt komt er zonder hulp van buiten niet meer uit. Er is vaak sprake van ingewikkelde achterliggende problemen. Verder kunnen de schulden andere moeilijkheden veroorzaken waardoor cliënten niet meer in staat zijn zelfstandig te wonen.
De begeleiding
In de visie van AWBU-Preventie is het niet acceptabel dat mensen op straat komen te staan. In samenwerking met anderen (zoals woningbouwverenigingen, GG&GD, Kredietbank, etc.) inventariseren we de problemen, nemen zonodig een aantal taken (tijdelijk) van onze cliënten over en zorgen ervoor dat er een rustige situatie ontstaat. Wanneer de rust is weergekeerd, onderzoeken we met de cliënt wat er mis is gegaan en hoe de cliënt zijn leven weer op orde kan krijgen. Aan de hand daarvan bepalen we, liefst in overleg met de cliënt, wat er moet veranderen om de toekomst met vertrouwen tegemoet te kunnen zien. Voor de ene cliënt betekent dat het permanent overdragen van verantwoordelijkheden naar een instelling (bijv. budgetbeheer bij de Kredietbank), voor de ander een cursus of het oefenen van nieuw gedrag samen met de woonbegeleider. In alle gevallen is woonbegeleiding maatwerk dat zo nauw mogelijk moet aansluiten bij de capaciteiten en wensen van de cliënt.
Ambulante Woonbegeleiding Intensief
De cliënt
De cliënten van AWBU-I kampen met complexe problematiek op diverse vlakken; verslaving, psychiatrische problemen, gedragsproblemen en psychosociale problematiek zoals huiselijk geweld. De cliënten gaan niet op een constructieve manier met hun problemen om, waardoor deze groter worden. Door gedrag als zelfverwaarlozing, zorgmijding, agressie en toenemende verslaving, is er sprake van een neerwaartse spiraal.
De begeleiding
In de visie van de AWBU-I kiest niemand voor de straat, dakloosheid moet altijd voorkomen worden. Men gaat eerder uit van ‘niet-kunnen’ dan van ‘niet-willen’. De AWBU-I is in eerste instantie gericht op het verkleinen van de draaglast in tegenstelling tot AWBU-A. Een belangrijk uitgangspunt bij AWBU-A is het vergroten van de draagkracht van de cliënt oftewel het vergroten van de zelfredzaamheid. Men gaat hier uit van het lerende vermogen van de cliënt: hij wordt gewezen op de keuzemogelijkheden en wordt aangesproken op zijn eigen verantwoordelijkheid. Voor AWBU-I geldt juist, dat in overleg met de cliënt diverse praktische zaken worden overgenomen en voor hem worden gedaan. Het doel is om de leefsituatie van de cliënt te stabiliseren, schade te beperken en tot een balans te komen tussen draaglast (de (ervaren) problemen) en de draagkracht (het vermogen om problemen op te lossen). Cliënten worden regelmatig begeleid naar een andere vorm van wonen (flex-wonen, begeleid wonen of hostel). De begeleiding stopt pas als de begeleiding van de cliënt geheel kan worden overgedragen, of als men bij contactverlies zeker is dat een andere organisatie het contact zal zoeken (bv. zorgcoördinatieteam, oggz-meldpunt).






